Profile

Dé basis voor het basisonderwijs

Interviews
21/04/2019
Leestijd 5-8 minuten
Geschreven door Erik Ouwerkerk

‘Ik zie een stille revolutie’

Claire Boonstra heeft een missie: het onderwijs moet radicaal anders ingericht. Met Operation Education zet ze op scholen voor alle niveaus en leeftijden zinvolle hervormingen in beweging met leerlingen, ouders, leerkrachten, schoolleiders en bestuurders. Op congressen en bijeenkomsten in binnen- en buitenland zet ze haar visie op onderwijs en onderwijstransformatie uiteen. ‘Maar eigenlijk is het niet juist om over “mijn visie” te praten’, geeft Boonstra aan. ‘Ik voel me vooral een spreekbuis. Dat begon in 2012. Nadat ik in een TEDx-talk voor een andere kijk op onderwijs en ontwikkeling pleitte, kreeg ik van alle kanten bijval van mensen die het gevoel hadden dat het onderwijssysteem op hen drukte.’ Ze krimpt ineen om haar woorden te illustreren, en dat zal ze het hele gesprek blijven doen; als hoofd en hart achter de boodschap staan, drukt het lichaam dat vanzelf uit. ‘Ze wisten opeens: “He, ik ben niet de enige!” Sindsdien heb ik met tienduizenden mensen inzichten uitgewisseld over hoe en wat wij onze kinderen willen leren. En dat is heel anders dan nu gangbaar is.’

Save the children

Zo praten we al over 2012, maar ik denk dat onze lezers ook willen weten hoe je leven er daarvoor uitzag.
‘Ik deed het goed op school, ging studeren aan de TU Delft, werken bij KPN en Unilever, en startte samen met anderen het augmented reality-platform Layar. Dat werd een groot succes. Ik werd zelfs uitgenodigd voor het World Economic Forum in Davos om daarover te vertellen. Ik had de top bereikt waar ik altijd zo naar opkeek, waarvan we als samenleving zeggen dat ze ‘het gemaakt hebben’. Maar ik zag daar veel mensen die voor mijn gevoel hun visitekaartje waren geworden, zonder nog diep van binnen te voelen waarvoor ze de dingen doen. Zo kwam ik weer uit bij de vraag die ik in een opstel op de middelbare school al stelde: “Hoe zou het onderwijs eruitzien als iedereen er echt zijn potentieel zou kunnen benutten?”’

Claire Boonstra: 'Als je op bezoek gaat bij scholen die hun bedoeling in de praktijk brengen, zie je juist heel veel structuur'

Al snel kwam de vraag ‘Wat is de bedoeling van onderwijs?’ centraal te staan.
‘Ik merkte en hoorde dat, ondanks alle liefde en toewijding in het onderwijs, er een model is ontstaan dat zowel de leerkrachten als de leerlingen, en daarmee ook de samenleving, tekortdoet. Er zijn wel een heleboel innovaties en initiatieven die het onderwijs proberen te verbeteren, maar die voortbouwen op het bestaande fundament. Dat moeten we onder de loep nemen, want dat is je kompas op basis waarvan je elke dag keuzes maakt over hoe je je lessen vormgeeft. Kun je daar wel op varen? Schoolleiders zoals Karin van Zutphen van Wittering.nl en Jan Fasen van Agora Roermond, leerkracht Daisy Mertens van brede basisschool De Vuurvogel te Helmond (ten tijde van het interview genomineerd voor de Wereld Lerarenprijs) en tienduizenden andere(n) geweldige (onderwijs)mensen hebben de afgelopen jaren antwoord op deze vraag gegeven. Het interessante is dat, hoe verschillend de antwoorden ook zijn, ze tot een gezamenlijke essentie komen. Met Operation Education hebben we de kern samengevat in drie bedoelingen – en ik zeg met nadruk bedoeling, want een doel impliceert een eindpunt en een bedoeling een uitgangspunt. 1. Leren ontdekken wie je bent, waar je voor staat en waar je naartoe wilt; je unieke en volle potentieel leren ontketenen. 2. Samen het leven leren en samen leren leven. 3. Eigenaarschap leren nemen over je eigen leven en over de samenleving waarnaar we streven: vredig, gelukkig, gezond en duurzaam. Om dit te kunnen bereiken, heb je naast allerlei vaardigheden en persoonsvorming natuurlijk ook een stevige dosis kennis nodig – de vraag is alleen: welke kennis, en is die voor iedereen hetzelfde?’


En vanuit die onderwijsbedoeling ontstaan scholen die compleet anders zijn ingericht.

‘Scholen die een dergelijke bedoeling in de praktijk brengen, gaan van een top-down-organisatie waarin alles is opgedeeld in aparte vakjes naar een ecosysteem waarin iedereen elkaar helpt de honger naar kennis en vreedzame interactie te stillen, waar ieders potentieel tot ontwikkeling kan komen – ook dat van de leerkrachten. Ik spreek dan ook liever van een ontwikkelomgeving dan van een school.’

'Verandering ontstaat op plekken waar kleine groepjes samen het heft in handen nemen en datgene wat ze voelen gaan uitvoeren'

Een school transformeren heeft nogal wat voeten in de aarde. Is het niet makkelijker direct een nieuwe ontwikkelomgeving op te richten? 

Revolutie en evolutie hebben elkaar nodig, de bestaande scholen die in beweging willen komen, hebben de nieuw opgezette scholen zoals School of Understanding te Amstelveen of Mondomijn uit Helmond nodig ter inspiratie. Zij laten zien dat het ook anders kan en krijgen steeds meer navolging. 

 

En wie zet de verandering in gang? 

Die begint bij jezelf. Heel veel mensen die we spreken zeggen: Ik wil het heel graag anders doen, maar krijg mijn collega’s en de schoolleider nooit mee. De schoolleider denkt dat het bestuur een omslag zal tegenhouden. En zo wordt de verantwoordelijkheid bij de ander neergelegd en voelt niemand zich gesteund. Verandering ontstaat op plekken waar kleine groepjes samen het heft in handen nemen en datgene wat ze voelen daadwerkelijk gaan uitvoeren, die daarbij álle relevante omringende partijen wel meenemen en zich niet laten weerhouden door kan niet, hij wil toch niet of al eerder geprobeerd, werkte niet. 

 

Toch zal een verandering vanuit de schoolleiding meer kans van slagen hebben dan vanuit de leerkracht? 

Die kans is inderdaad groter ja; een goede schoolleider draagt verantwoordelijkheid en kan door het goede voorbeeld te geven ook teams veel beter inspireren. Maar: we willen juist geen onderwijs meer dat van bovenaf is georganiseerd. We willen toe naar een plek waarin de boodschap ‘wees de verandering die je wilt zien in de wereld’ centraal staat. 

 

Je stelt ook voor dat mensen die nu buiten het onderwijs werken een plek in de ontwikkelomgeving moeten krijgen? 

‘Veertig procent van de niet-leerkrachten wil een rol spelen in het onderwijs. Alleen niet in het huidige systeem, en niet als ze daarvoor eerst zoveel jaar een opleiding moeten volgen. Zonde. Want als leerlingen bijvoorbeeld meer willen weten van vliegtuigbouw, waarom zou je dan geen (oud)vlliegtuigbouwer uitnodigen in de klas? Waarom haal je de wereld niet de klas binnen? It takes a village to raise a child. Scholen die hun bedoeling in de praktijk brengen, betrekken daarin heel nadrukkelijk ook ouders en andere partijen. 

'Er zijn een heleboel innovaties en initiatieven die het onderwijs proberen te verbeteren, maar die voortbouwen op het bestaande fundament'

Er zijn mensen die chaos voorzien, met leerlingen hulpeloos op zoek naar autonomie, verzuipend in grote leerruimtes. 

Als je op bezoek gaat bij scholen die hun bedoeling in de praktijk brengen, zie je juist heel veel structuur. Alleen is die niet van bovenaf opgelegd, maar gecreëerd voor en door, of op zijn minst samen met, de leerkrachten en de kinderen. Telkens weer blijkt dat kinderen en volwassenen (lees: leerkrachten) veel meer autonomie aankunnen dan gedacht. 

 

Maar de einddoelen raken toch steeds verder uit het zicht? 

We zijn het antwoord op de bedoeling kwijtgeraakt. ‘Hoe hoger, hoe beter’ lijkt het motto te zijn. Dus zetten we leerlijnen uit die moeten leiden tot zo hoog mogelijke cijfers, en zo ontstaat er een toetscultuur, inclusief voortgangsrapporten en toezichthouders. Met als resultaat dat de nadruk ligt op het behalen van resultaten die je verwacht dat ze bereiken bij het doorlopen van de leerlijn. Terwijl we elk moment van de dag leren. Het leerproces verloopt niet lineair en voorspelbaar, en er is dus een heleboel dat je níet meet. Dat pleit niet voor een toetscultuur. Bovendien, en dit vind ik heel kwalijk, zijn er grote groepen ouders en leerlingen die jarenlang, dag in dag uit het gevoel hebben dat ze tekortschieten, minder zijn en minder toekomst hebben omdat hun toetsresultaten ondergemiddeld zijn. Of zelfs maar omdat ze op vmbo-niveau zitten. Wat brengt dat teweeg? Natuurlijk komen ze dan vroeg of laat in opstand. Maar terugkomend op de einddoelen: die worden in vernieuwend onderwijs net zo goed en vaak ook beter en zonder strijd gehaald. 

 

Veel onderwijsmensen werken in een klimaat van stress en overbelasting. Voor hen zal ‘jouw’ visie op onderwijs utopisch klinken. En bovendien: heb je wel recht van spreken met jouw achtergrond? Over tot de orde van de dag. 

Iedereen heeft recht van spreken: we hebben allemaal jarenlang onderwijs ervaren, en het gaat de hele samenleving aan. In het wat en waarom heb ik me samen met duizenden anderen jarenlang intensief verdiept. Alleen over het ‘hoe’ (didactiek) in een klas met jonge kinderen kan ik misschien minder zeggen ik heb ‘slechts’ ervaring in het ‘lesgeven’ van volwassenen. 

Er komt inderdaad ontzettend veel op het bord van de leerkracht. Met als gevolg stress, wat je doet vasthouden aan gewoonten die niet in lijn zijn met je diepste onderwijsidealen. Dat vreet weer energie, en zo komen velen nog verder vast te zitten, doen er nog een schepje bovenop… maar wat doe je jezelf aan, en wat leer je de kinderen daarmee? Gelukkig keert de wal het schip al jaren: ik zie een ‘stille revolutie’ van mensen die bouwen aan een nieuw systeem dat, nu het oude systeem aan het afbrokkelen is, steeds meer de overhand kan nemen. We leven nog even in de ‘tussentijd’, maar over een aantal jaren weten we niet meer beter. 

Meer informatie over Claire Boonstra