Profile

Dé basis voor het basisonderwijs

Rekenen & wiskunde
13/09/2021
Leestijd 3-4 minuten
Geschreven door Marieke Baselmans

Verhalend rekenen

Als kind was ik dol op taal, maar had ik minder affiniteit met rekenen. Als ik de getipte boeken in deze bijdrage had gelezen, was ik zeker meer betrokken geraakt.

Save the children

De telduivel. Een hoofdkussenboek voor iedereen die bang voor wiskunde is, is daar een mooi voorbeeld van. In verhaalvorm worden allerlei rekenkundige elementen uitgelegd. Op een heldere manier en niet te vergeten op een talige manier. Wat mij dus als lezer aanspreekt. Een ander voordeel is dat je de uitleg zo vaak terug kunt lezen als je wilt. Totdat ook jij de rekenkundige reeksen en de Romeinse cijfers snapt. Of weer ophaalt hoe het ook alweer zat met machtsverheffen. Het boek is geschreven door Hans Magnus Enzensberger en uitgegeven door De Bezige Bij. Laat die leerling in je klas die graag met zijn neus in de boeken duikt, als het maar geen rekenboek is, eens dit boek lezen. En laat na ieder hoofdstuk het kind aan een medeleerling vertellen wat het heeft gelezen. Al pratend over de gelezen tekst, legt hij de rekenstof aan het andere kind en uiteindelijk ook aan zichzelf uit. Waardoor de match met lezen overgaat in stretch naar het rekengebied.

Verhaaltjessommen
‘Door veel te lezen, gaan alle vakken op school makkelijker.’ Dit vertel ik vaak aan kinderen in de basisschoolleeftijd. ‘Ook rekenen’, voeg ik eraan toe. Ik zie ze dan vaak verbaasd hun wenkbrauwen fronsen. Als ik dan vertel dat veel rekenopgaven vaak in verhaaltjessommen zijn verstopt, zie je vaak herkenning. Dus hoe meer je leest, hoe makkelijker de rekenopgaven voor je zijn. Met de uitleg van rekenkundige elementen kun je niet vroeg genoeg beginnen. Prentenboeken zijn dan ook een uitstekende manier om op een speelse en laagdrempelige manier kinderen rekenkundige elementen te leren. Het cijferwinkeltje is hiervoor een uitermate geschikt boek, je kunt er zelfs een heel project omheen bouwen. De Kleuteruniversiteit heeft een zeer uitgebreid pakket ontwikkeld, behorend bij dit boek. Het boek van het echtpaar Marianne Busser en Ron Schröder met typerende, voor veel kinderen herkenbare, illustraties van Ingrid ter Koele is een aanwinst voor iedere leerkracht in de onderbouw. Met behulp van dit boek kunnen leerkrachten van groep 2/3 op een leerzame, grappige manier de kinderen rustig kennis laten maken met de wereld van getallen. Het boek is tevens in versvorm geschreven, waardoor het kind de informatie sneller zal opnemen. Rekenen is natuurlijk veel meer dan alleen de cijfersymbolen. Rekenen is ook vergelijken, sorteren en ordenen, wat op een leuke en leerzame manier wordt vormgegeven in dit boek. Maar er zijn ook kinderen die juist meer rekenuitdaging verdienen.

Veerle (10 jaar) leest het boek Het wiskundehondje

Snuffelen aan wiskunde
Kinderen die vooruitlopen met rekenen en zich hierdoor vervelen tijdens de rekenles, kunnen met behulp van Het wiskundehondje kennismaken met de wiskundestof van het voortgezet onderwijs met bijpassende opdrachten. Dit boek is geschreven door Margriet van der Heijden en uitgegeven door Uitgeverij Nieuwezijds. Lang geleden, aan het einde van de 18e eeuw, verveelde een negenjarige jongen zich ook. Wat een saaie sommen, dacht deze Carl Friedrich Gauss. En daarom zette zijn meester hem aan het werk. ‘Ga jij alle getallen van 1 tot en met 100 maar eens bij elkaar optellen’, zei de meester. Dan ben je tenminste lekker een uurtje bezig, dacht hij erbij. Niet dus. Carl Friedrich Gauss wist het antwoord in een paar minuten. Hij had van de som een probleem gemaakt. Hij dacht dus niet: wat is het antwoord? Maar: hoe los ik dit snel op, met zo min mogelijk werk? Dat was zo: 1 + 100 = 101, 2 + 99 = 101 , 3 + 98 = 101, 4 + 97 = 101, de totale som bedraagt dan 50 x 101 = 5050. Klaar is kees. En het werkt hetzelfde als je, bijvoorbeeld, alle getallen van 1 tot en met 30 moet optellen (15 x 31 = 465). En Carl? Die werd een beroemde wiskundige. Dit boek is vooral interessant voor kinderen in groep 7/8 die al graag meer willen weten over wiskunde, als voorbereiding op de brugklas. Auteur Van der Heijden probeert aan te tonen dat wiskunde overal is. Het is niet alleen iets wat kinderen in een klaslokaal moeten leren, maar het komt ook terug in de natuur en de wereld om hen heen. Het boek is er zeker in geslaagd om wiskunde uit de stoffige context te halen waar het vak meestal mee wordt geassocieerd. Het wiskundehondje neemt je mee langs de wiskunde van alledag en overal, en laat je er al in de basisschool een beetje aan snuffelen. Zo is er voor elk kind een passend reken-wiskundeboek te vinden.

Leestip

• Carlo Frabetti & Wendy Panders, Alice in Wiskunde Wonderland (Terra Lannoo, 2018)
Hoe je rekenkundige begrippen op een motiverende manier aan talige kinderen uitlegt, komt letterlijk voor in het boek Alice in Wiskunde Wonderland. Hoofdpersoon Alice zegt tegen het andere hoofdpersonage, Lewis Caroll: ‘Vertel me nog eens een cijfersprookje.’ ‘Ik dacht dat jij een hekel had aan wiskunde?’, antwoordt de wiskundige. ‘Dat klopt’, zegt Alice. ‘Maar ik houd van sprookjes. Ik heb ook een hekel aan muizen, maar toch ben ik dol op de tekenfilms met Mickey Mouse.’

Wiskunde in een sprookjesachtig jasje, dat is de eerste indruk die je krijgt als je het boek openslaat. Met dit boek leren kinderen op een verhalende manier over diverse wiskundige onderwerpen met pakkende, welgevormde illustraties. Het leukste is natuurlijk als de kinderen het originele ‘Alice in Wonderland’-verhaal (geschreven door de wiskundige Caroll Lewis) kennen, omdat er bekende personages, zoals de gekke Hoedenmaker, de Hartenkoningin en het witte Konijn, in voorkomen.

Ook is er in dit boek een uitgebreide woorden- en begrippenlijst te vinden. Erg handig wanneer je als leerkracht een bepaald onderwerp nog een keer wilt herhalen. Dit boek is geschikt voor de bovenbouw, met name voor groep 7 en 8.

Marieke Baselmans