Profile

Dé basis voor het basisonderwijs

Professionalisering
17/12/2024
Leestijd 7-10 minuten

Veilige haven, veilige basis

Leerkracht-leerling relaties
Leerlingen zijn gebaat bij een goede relatie met hun leerkracht. De gehechtheidstheorie wordt vaak gebruikt om leerkracht-leerlingrelaties te begrijpen. Maar hoe kun je als leerkracht deze inzichten toepassen om je relatie met leerlingen te versterken?

Save the children

Vanuit de gehechtheidstheorie weten we veel over het opbouwen van positieve relaties met leerlingen. Een deel van deze kennis vertalen we in dit artikel naar de praktijk aan de hand van voorbeelden uit VIPP-School, een nieuwe effectieve coachingsmethodiek op basis van video-feedback, voor leerkrachten (zie kader).

Gehechtheid, wat is dat?

Alle kinderen laten vanaf jonge leeftijd gehechtheidsgedrag zien. Dat uit zich in gedragingen die gericht zijn op het verkrijgen en behouden van nabijheid tot een opvoeder in stressvolle situaties, zoals huilen, op schoot klimmen, enz. (Bowlby, 1969). Het interactiepatroon dat ontstaat tussen het gehechtheidsgedrag van het kind en de reactie van de opvoeder kan uitgroeien tot een gehechtheidsrelatie, een langdurige affectieve band die soms ook wordt aangeduid als ‘hechting’ (Ainsworth et al., 1978). Kinderen kunnen gehechtheidsrelaties met meerdere personen opbouwen (Bakermans-Kranenburg, 2021), waarbij de kwaliteit van deze relaties varieert. Dit is afhankelijk van het interactiepatroon dat zich ontwikkelt tussen het kind en de opvoeder. Ook met leerkrachten kunnen relaties ontstaan met gehechtheidscomponenten (Spilt & Koomen, 2022). De kwaliteit van deze relatie hangt samen met veel ontwikkelingsgebieden, zoals gedrag in de klas, schoolplezier, sociale acceptatie, schoolprestaties, zelfbeeld en emotieregulatie (García-Rodríguez et al., 2023). Omdat interactiepatronen aan de basis van een gehechtheidsrelatie liggen, zijn er ook mogelijkheden om de leerkracht-leerling relatie te versterken en daarmee bij te dragen aan de positieve ontwikkeling van leerlingen.

De kwaliteit van de relatie tussen leerkracht en leerling hangt samen met veel ontwikkelingsgebieden

De leerkracht als veilige haven

Stel je voor dat de leerling een bootje is dat soms door een storm van uitdagingen en stress moet varen. In deze turbulente tijden heeft het bootje een veilige haven nodig om te schuilen en weer op krachten te komen. Als leerlingen stress ervaren, bijvoorbeeld wanneer zij aan een moeilijke taak werken of in lastige sociale situaties komen met klasgenoten, zoeken ze veelal steun bij de leerkracht. In zulke situaties fungeren leerkrachten als een ‘veilige haven’ voor leerlingen (Bowlby, 1969). Leerkrachten helpen leerlingen om hun gevoelens van onzekerheid en stress te reguleren, zodat ze zich emotioneel veilig voelen. In VIPP-School staan de volgende manieren om een veilige haven te bieden centraal (Juffer et al., 2016; Starreveld et al., 2024):

  1. Wees beschikbaar en creëer momenten van aandacht
    Zorg regelmatig voor rustige momenten om met individuele leerlingen samen te zijn. Dit helpt leerlingen zich op hun gemak te voelen bij jou en open te staan voor jouw hulp.
  2. Erken gevoelens
    Laat leerlingen weten dat je hun gevoelens begrijpt en serieus neemt. Dit bevordert vertrouwen en open communicatie.
  3. Wees een gids, benoem gevoelens en geef uitleg
    Leerlingen zijn nog bezig met het leren begrijpen van hun eigen emoties en hoe deze zich verhouden tot de buitenwereld. Vergelijk het met het aankomen op een nieuwe planeet, waar alles nieuw is. Hoe fijn is het om dan een gids als steun en toeverlaat te hebben die alles uitlegt en ondersteuning biedt? Probeer deze gids te zijn voor leerlingen.

Hoe is een leerkracht een veilige haven?
Tijdens het opruimen roept Melissa: ‘Ik wil nog spelen en niet opruimen!’ De leerkracht blijft rustig, gaat op ooghoogte zitten en erkent de gevoelens van Melissa: ‘Ik zie dat je teleurgesteld bent omdat je moet stoppen met spelen. Het is ook erg jammer hè, om te moeten stoppen.’ De leerkracht stelt zich op als gids en legt de regel uit: ‘We moeten nu opruimen, omdat het tijd is voor de kring. Laten we samen de blokkendoos opruimen.’ Op een later moment die dag gaat de leerkracht kort naast Melissa zitten om samen een boekje te lezen. Melissa geniet van de persoonlijke aandacht, wat haar helpt om beter met moeilijke momenten, zoals opruimen, om te gaan.

Wees een gids voor je leerlingen

Niet alle leerlingen zoeken in stressvolle situaties de nabijheid van een leerkracht. Leerlingen kunnen door eerdere negatieve ervaringen geleerd hebben dat een opvoeder of leerkracht niet beschikbaar is voor hulp. Beschikbaar zijn als leerkracht voor leerlingen klinkt wellicht eenvoudig, maar dat is het niet altijd. Alleen fysiek aanwezig zijn in de klas is niet genoeg voor leerlingen om een leerkracht als beschikbaar te ervaren. Het gaat om expliciete acties die laten zien dat de leerkracht aandacht heeft en openstaat voor kinderen die hulp nodig hebben.

De leerkracht als veilige basis

Denk nog eens terug aan de leerling als bootje: om te kunnen varen heeft een bootje de wind in de zeilen nodig. Zo hebben leerlingen op de momenten dat het goed gaat ook steun nodig om de wereld te ontdekken. In deze situatie fungeren leerkrachten als een veilige basis (Bowlby, 1969). Door de zelfstandige exploratie van leerlingen te ondersteunen, kan de betrokkenheid van leerlingen bij het leren en bij sociale activiteiten worden bevorderd (Spilt & Koomen, 2022). In VIPP-School wordt gewerkt aan de volgende manieren om een veilige basis te bieden (Juffer et al., 2016; Starreveld et al., 2024):

  1. Volg de initiatieven van leerlingen
    Volg leerlingen in hun activiteiten, toon interesse en laat hen zelfstandig verkennen. Het is belangrijk dat leerlingen ervaren dat zij zelf dingen kunnen. Zo leren zij meer zelfstandig te werken en groeit het vertrouwen in hun eigen vaardigheden.
  2. Moedig aan
    Moedig leerlingen aan en geef complimenten die gericht zijn op de inspanning en het proces, niet alleen op het eindresultaat. Dit bevordert het zelfvertrouwen en doorzettingsvermogen.
  3. Geef tijd
    Geef leerlingen de ruimte om in hun eigen tempo te ontdekken. Grijp niet te snel in, wees geduldig en wacht af of ze zelfstandig tot inzichten kunnen komen.

Hoe is een leerkracht een veilige basis?
Tijdens een rekenles, waar leerlingen zelfstandig een probleem moeten oplossen, observeert de leerkracht hun eigen aanpak en volgt hun initiatief door vragen te stellen zoals: ‘Hoe ben je op deze aanpak gekomen?’ of ‘Wat zou je volgende stap kunnen zijn?’ zonder direct de oplossing te geven. De leerkracht moedigt kleine stapjes in de goede richting aan met opmerkingen als: ‘Je hebt al goed nagedacht over deze stap, je mag trots zijn op hoe je dit aanpakt.’ Als Jelmer een aanpak kiest die niet werkt, grijpt de leerkracht niet meteen in. Als Jelmer na een paar minuten nog steeds vastloopt, kan de leerkracht vragen: ‘Zie je iets dat niet helemaal klopt? Wat denk je dat het kan zijn?’

Sensitieve leerkrachten

Voor het ontwikkelen van een positieve relatie met leerlingen is het dus belangrijk dat leerkrachten zich opstellen als een veilige haven wanneer leerlingen behoefte hebben aan een hart onder de riem of een steuntje in de rug. De veilige basis is er wanneer zij er behoefte aan hebben om zelfstandig op ontdekking te gaan. Deze vaardigheid wordt in de gehechtheidstheorie samengevat in het concept ‘sensitiviteit’. Volgens Ainsworth et al., (1978) omvat sensitief gedrag:

    1. Signaleren
      Herken de signalen van leerlingen. Hoe kun je zien wanneer een leerling hulp nodig heeft of wanneer hij of zij juist even vrijgelaten moet worden? Deze signalen kunnen per leerling heel verschillend zijn. Vooral bij leerlingen die veel hebben meegemaakt, kunnen de signalen anders zijn dan verwacht.
    2. Interpreteren
      Na het signaleren, is de volgende stap om correct te interpreteren wat de leerling bedoelt. Welke behoefte schuilt er achter het signaal? Is de leerling op zoek naar een veilige haven of juist naar een veilige basis?
    3. Snel en adequaat reageren
      Zodra het signaal is herkend en geïnterpreteerd, is het belangrijk om te reageren. Er moet niet teveel tijd zitten tussen het signaal van de leerling en de reactie van de leerkracht. De reactie moet passend zijn bij wat de leerling op dat moment nodig heeft.

Behoefte aan een veilige haven:
‘Juf, dit is écht te veel werk, dit ga ik nooit afkrijgen!’ roept Lena. Ze ploft neer op haar stoel en slaat haar armen over elkaar. Lena voelt zich overweldigd en heeft waarschijnlijk behoefte aan erkenning van haar probleem en ondersteuning bij de aanpak ervan.

Behoefte aan een veilige basis:
Titus zit gebogen over de laptop, zijn vingers zweven boven het toetsenbord. Zijn mondhoeken bewegen en hij mompelt zachtjes tegen zichzelf. Titus is gefocust op zijn activiteit en heeft waarschijnlijk behoefte aan tijd en ruimte om zelfstandig iets te ontdekken.

VIPP-School is gebaseerd op zowel de gehechtheidstheorie als de sociale leertheorie

VIPP-School

VIPP-School staat voor Video-feedback Intervention to promote Positive Parenting and Sensitive Discipline in Schools. VIPP-School is een doorontwikkeling van VIPP-SD (Juffer et al., 2008/2023), een effectieve methode om sensitiviteit en het sensitief stellen van grenzen te bevorderen bij ouders en professionele opvoeders (Van IJzendoorn et al., 2023). Met VIPP-School hebben we deze methode aangepast voor gebruik in groep 1 t/m 4 van het basisonderwijs (Starreveld et al., 2024).

VIPP-School bestaat uit zes bezoeken waarin video’s worden gemaakt van de leerkracht-leerling interactie tijdens taken, zoals puzzelen, opruimen of samen een boek lezen. Deze video’s worden nabesproken met de leerkracht. Een coach ‘ondertitelt’ het gedrag van de leerling, zodat de leerkracht de (subtiele) signalen van de leerling leert te herkennen, interpreteren en hier in de klas snel en adequaat op kan reageren. Recent onderzoek laat zien dat leerkrachten die deelnamen aan VIPP-School na afloop sensitiever waren in hun interacties met leerlingen, dan leerkrachten uit een controlegroep (Starreveld et al., in press).

VIPP-School is gebaseerd op zowel de gehechtheidstheorie als de sociale leertheorie. In dit artikel heb je kunnen lezen wat de gehechtheidstheorie ons leert over het opbouwen van positieve relaties met leerlingen. De sociale leertheorie biedt daarnaast waardevolle strategieën voor het omgaan met gedragsproblemen.

Kim Starreveld (k.m.starreveld@vu.nl), Mathilde Overbeek, Marian Bakermans-Kranenburg en Agnes Willemen zijn onderzoekers in de pedagogiek. De afgelopen jaren hebben zij VIPP-School ontwikkeld en onderzoek gedaan naar de effectiviteit.

Book iconMediatips

1. Starreveld, K. M., Overbeek, M. M., Willemen, A. M., & Bakermans-Kranenburg,

M. J. (2022) Beter met een Kind In Je Klas: Werken aan de relatie met leerlingen met lastig gedrag. Kinder- & Jeugdpsychotherapie 49, 104-118. Beschikbaar op aanvraag bij auteurs.

2. Website met animatie VIPP-School methodiek: https://www.b-kijk.nl/

3. Tharner, A., Verhage, M. L., Bakkum, L., Duschinsky, R., Bosmans, G., & Pasco Fearon,

R.M. (2022). Lost in translation? Het belang van meer duidelijkheid bij het gebruik van kernbegrippen uit de gehechtheidstheorie in wetenschap en praktijk. Pedagogiek, 42(3), 280-302. https://doi.org/https://doi.org/10.5117/PED2022.3.002.THAR

Book iconLiteratuurlijst
  • Ainsworth, M. D. S., Bell, S. M., & Stayton, D. J. (1974). Infant-mother attachment and social development: “socialisation” as a product of reciprocal responsiveness to signals. In P. M. Richards (Ed.), The integration of a child into a social world (pp. 99-135). Cambridge University Press.
  • Bakermans-Kranenburg, M. J. (2021). The limits of the attachment network. New Directions for Child and Adolescent Development, 2021, 117–124. https://doi.org/10.1002/cad.20432
  • Bowlby, J. (1969). Attachment and loss. Basic Books.
  • García-Rodríguez, L., Iriarte Redín, C., & Reparaz Abaitua, C. (2023). Teacher-student attachment relationship, variables associated, and measurement: A systematic review. Educational Research Review, 38, https://doi.org/10.1016/j.edurev.2022.100488
  • Juffer, F., Bakermans-Kranenburg, M.J. & Van IJzendoorn, M.H. (2008/2023). Promoting positive parenting: An attachment-based intervention. Mahwah, NJ: Lawrence Erlbaum.
  • Juffer, F., Bakermans-Kranenburg, M. J., & van IJzendoorn, M. H. (2016). Handleiding VIPP-SD: Video-feedback Intervention to promote Positive Parenting and Sensitive Discipline (Versie 3.0).
  • Spilt, J. L. & Koomen, H. M. Y. (2022). Three decades of research on individual teacher
  • child relationships: A chronological review of prominent attachment-based themes. Frontiers in Education, 7, 1-19. https://doi.org/10.3389/feduc.2022.920985
  • Starreveld, K. M., Overbeek, M. M., Willemen, A. M., & Bakermans-Kranenburg, M. J. (2024). Adapting a video-feedback intervention to support teacher–child interaction and behavior regulation of young children at school: A qualitative pilot study. School Psychology International, 45(1), 16-35. https://doi.org/10.1177/01430343231184001
  • Starreveld, K. M., Overbeek, M. M., Willemen, A. M., & Bakermans-Kranenburg,
  • M. J. (in press). Video-feedback Intervention to Promote Positive Parenting and Sensitive Discipline in early elementary education (VIPP-School): A randomized controlled trial. Attachment & Human Development, https://doi.org/10.31234/osf.io/hg5kr

Kim Starreveld

Kim Starreveld is onderzoeker in de pedagogiek. De afgelopen jaren heeft zij samen met Mathilde Overbeek, Marian Bakermans-Kranenburg en Agnes Willemen, VIPP-School ontwikkeld en onderzoek gedaan naar de effectiviteit.

Mathilde Overbeek

Mathilde Overbeek is onderzoeker in de pedagogiek. De afgelopen jaren heeft zij samen met Kim Starreveld, Marian Bakermans-Kranenburg en Agnes Willemen, VIPP-School ontwikkeld en onderzoek gedaan naar de effectiviteit.

Marian Bakermans-Kranenburg

Marian Bakermans-Kranenburg is onderzoeker in de pedagogiek. De afgelopen jaren heeft zij samen met Mathilde Overbeek, Kim Starreveld en Agnes Willemen, VIPP-School ontwikkeld en onderzoek gedaan naar de effectiviteit.

Agnes Willemen

Agnes Willemen is onderzoeker in de pedagogiek. De afgelopen jaren heeft zij samen met Mathilde Overbeek, Kim Starreveld en Marian Bakermans-Kranenburg, VIPP-School ontwikkeld en onderzoek gedaan naar de effectiviteit.