Van vraag naar handelen
Leerkrachten krijgen steeds meer te maken met meertalige leerlingen in de klas. Veel schoolteams vinden het echter lastig om het taalonderwijs voor deze leerlingen goed op de rails te krijgen. De Kennisrotonde kan hierbij helpen.
Wat weten we over onderwijs aan meertalige leerlingen vanuit de wetenschappelijke literatuur? En hoe pas je die inzichten vervolgens toe in je eigen onderwijspraktijk? De Kennisrotonde voorziet onderwijsprofessionals van antwoord op basis van wetenschappelijke literatuur. Hoe kunnen zij vervolgens deze inzichten benutten in de onderwijspraktijk?
Samensmelting verschillende talen
Wereldwijd stijgt het aantal kinderen dat wordt onderwezen in een taal die zij niet of nauwelijks beheersen (Global Education Monitoring Report, 2016). Ook in de Nederlandse samenleving is een samensmelting van veel verschillende talen en culturen terug te vinden. Kinderen van anderstalige ouders komen in veel gevallen zonder enige kennis van het Nederlands terecht op de scholen in ons land. Ook komt het voor dat kinderen al een redelijke beheersing van het Nederlands hebben, maar thuis een andere taal spreken. Voor de identiteitsvorming en het socio-emotioneel welzijn van deze kinderen is het belangrijk dat zij het gevoel hebben dat hun eigen taal en cultuur geaccepteerd en gewaardeerd worden (Surmont, 2016). Bovendien is het voor de algehele taalontwikkeling van deze kinderen belangrijk dat zij ook ruimte krijgen om hun moedertaal verder te ontwikkelen (Cummins, 1979). Er komt heel wat bij kijken om een schoolomgeving te creëren waar leerlingen zich thuis voelen en waar op een stimulerende manier wordt omgegaan met talige diversiteit. Vanzelfsprekend roept dit veel vragen op bij onderwijsprofessionals.
De Kennisrotonde zocht uit hoe leerkrachten dit op een effectieve manier kunnen doen
Onderwijsvragen stellen aan de Kennisrotonde
Met vragen over meertaligheid in het onderwijs –, maar ook over talloze andere onderwerpen – kun je als onderwijsprofessional terecht bij de Kennisrotonde. De Kennisrotonde beantwoordt onderwijs- en jeugdvragen met kennis uit onderzoek. Onderwijsprofessionals kunnen praktijkvragen indienen via de website. Een onderzoeker (ook wel: kennismakelaar) neemt contact op met de vraagsteller om de vraag aan te scherpen. Vervolgens gaat de kennismakelaar aan de slag met het beantwoorden van de vraag aan de hand van relevante wetenschappelijke literatuur.
Kennisrotonde en meertaligheid
Er zijn de afgelopen jaren steeds meer vragen gesteld aan de Kennisrotonde over meertaligheid op school en onderwijs aan NT2-leerlingen (leerlingen met het Nederlands als tweede taal). Zoals:
• Hoe stimuleer je effectief de taalontwikkeling van kinderen die Nederlands als tweede taal spreken (Kennisrotonde, 2016)?
• Is een aparte taalklas voor instromende NT2-leerlingen in het basisonderwijs beter voor de taalontwikkeling in het Nederlands (Kennisrotonde, 2020)?
• Welke leerkrachtonafhankelijke werkvormen dragen bij aan de begrijpende leesvaardigheid van NT2-leerlingen in het primair onderwijs (Kennisrotonde, 2021)?
• Wat zijn effectieve manieren in groep 1 en 2 om NT2-leerlingen een correcte uitspraak van het Nederlands aan te leren (Kennisrotonde, 2023)?
Meertaligheid bij de zaakvakken op de basisschool
Een greep uit de praktijk: de directeur van een multiculturele basisschool met een grote instroom van nieuwkomers stelde de vraag: ‘Hoe kan voor zaakvakken worden aangesloten bij de cognitieve capaciteiten van nieuwkomers in de bovenbouw van de basisschool, als zij het Nederlands niet goed beheersen (Kennisrotonde, 2018)?’ Sommige kinderen die het Nederlands nog niet of nauwelijks beheersen, stromen pas in groep 6, 7 of 8 in. Hoe kunnen leerkrachten het onderwijs aan deze kinderen zo goed mogelijk vormgeven?
Kennis uit onderzoek wordt in de onderwijspraktijk nog te weinig benut
Gebruik kennis in hun moedertaal als kapstok
De Kennisrotonde zocht uit hoe leerkrachten dit op een effectieve manier kunnen doen. Uit de literatuur bleek dat het goed is om na te gaan welke kennis de leerlingen al hebben in hun moedertaal. Die kennis kan dienen als kapstok bij het opdoen van nieuwe kennis bij de zaakvakken én bij de verwerving van het Nederlands. Schoolse vaardigheden (bijvoorbeeld conclusies trekken) zijn namelijk taalonafhankelijk. Als leerlingen deze vaardigheden al (deels) beheersen in hun thuistaal, is de stap naar het toepassen hiervan in het Nederlands een stuk kleiner. Met deze kennis kan de leerkracht het lesaanbod beter afstemmen op de individuele behoeften van de leerling (Fung et al., 2003; Kenner et al., 2008). Leerkrachten kunnen anderstalige leerlingen laten meedoen aan het reguliere lesprogramma voor de zaakvakken en het taalaanbod steeds iets uitdagender maken. Zo wordt zowel hun ontwikkeling van schoolse vaardigheden als de taalontwikkeling gestimuleerd.
Maak gebruik van andere talen in de les
Ook het gebruik van andere talen tijdens de lessen is effectief (Duarte, 2016). Leerlingen kunnen bijvoorbeeld opdrachten in hun moedertaal uitvoeren en die vervolgens naar het Nederlands vertalen of aan de leerkracht vertellen wat ze precies gedaan hebben (Genesee et al., 2005). Het gebruik van andere talen staat de ontwikkeling van het Nederlands niet in de weg (Baker, 2011), maar kan deze juist stimuleren (Creese & Blackledge, 2010). Lees het volledige antwoord op deze vraag op de website van de Kennisrotonde.
Het antwoord is gevonden, en dan?
Nadat de Kennisrotonde de vraag heeft beantwoord, volgt een belangrijke stap: het toepassen van de nieuwe kennis in de praktijk. De directeur vertelt hoe de school dat heeft aangepakt: ‘Het antwoord is tijdens een teamvergadering besproken met het team en de leerkrachten van groep 6 en 7 zijn bij het voorbereiden en uitvoeren van de lessen aan de slag gegaan met de handvatten uit het antwoord. Bovendien is het antwoord gebruikt bij het aanvragen van subsidie. Naast een stuk bewustwording en enkele eyeopeners, bood het antwoord ook een bevestiging van hun eigen werkwijze, zoals het aansluiten bij de kennis van de leerling in de moedertaal. Of het antwoord daadwerkelijk tot onderwijsverbetering heeft geleid, is nog onduidelijk.’
De ervaring van de vraagsteller is in lijn met de uitkomsten van onderzoek naar het gebruik van Kennisrotonde-antwoorden (Van der Aa et al., 2020). De meeste vragenstellers geven aan dat de antwoorden meer inzicht hebben gegeven in wat er in de praktijk werkt en waarom. Ook brengt het vaak een inhoudelijk gesprek binnen het team op gang. De antwoorden bieden handvatten om onderwijsvernieuwingen te onderbouwen en realiseren.
Tips voor kennisbenutting
• Relateer wetenschappelijke bronnen aan de voorkennis die je hebt over het onderwerp: zie het in het grotere geheel.
• Lees bronnen kritisch: wie heeft het geschreven, wat is de context van het onderzoek, et cetera?
• Deel bronnen met collega’s en praat erover met elkaar.
• Begin klein: probeer eens één aanbeveling die je hebt gelezen uit in een les en reflecteer daarop.
• Houd de leerling(en) goed voor ogen: wat gemiddeld genomen goed werkt, werkt niet voor elke leerling.
Bevorderende factoren voor het benutten van kennis
De directeur geeft aan dat de onderzoekende houding van haarzelf en van de teamleden positief heeft bijgedragen aan het benutten van het antwoord in de praktijk. Ze vindt het belangrijk om een onderzoekende houding te stimuleren bij leerkrachten. Deze houding illustreert één van de bevorderende factoren voor het benutten van kennis in de onderwijspraktijk: de rol van de schoolleider. Een ondersteunende organisatiestructuur en -cultuur dragen namelijk positief bij aan het gebruik van kennis uit de wetenschap. Leerkrachten moeten voldoende tijd en draagvlak krijgen binnen de school om onderwijsveranderingen door te kunnen voeren. Dit blijkt uit een reviewstudie van Van Schaik en collega’s (2018). Zij analyseerden 66 artikelen over kennisbenutting in het voortgezet onderwijs en brachten bevorderende en belemmerende factoren voor kennisbenutting in kaart. Naast schoolbrede factoren, zijn er ook factoren op het niveau van de leerkracht die kennisbenutting bevorderen: een (onderzoekende) houding blijkt cruciaal. Ook helpt het als leerkrachten weten hoe ze kennis uit onderzoek kunnen interpreteren, kunnen inschatten welke onderzoeksresultaten relevant zijn en tenslotte de vertaalslag kunnen maken naar de praktijk.
Kennis uit onderzoek wordt in de onderwijspraktijk nog te weinig benut. Dit concluderen Van den Berg en Van Urk (2020). Het verbeteren van lessen op basis van onderzoek wordt op veel scholen nog niet gezien als een kerntaak van leerkrachten. Toch is er een positieve ontwikkeling gaande. Initiatieven van NRO, zoals de Kennisrotonde en Onderwijskennis, kunnen hier positief aan bijdragen. Maar het succes van kennisbenutting valt of staat natuurlijk met de kennis, vaardigheden én houding van het team. Met een onderzoekende houding, voldoende kennis en onderzoeksvaardigheden zal steeds meer kennis op juiste waarde worden geschat en toegepast op school. Samen met de kennis die leerkrachten opdoen in de praktijk, vormt dit de basis voor goed onderwijs voor álle (meertalige) kinderen.
• Baker, C. (2011). Foundations of bilingual education and bilingualism. Multilingual matters.
• Creese, A., & Blackledge, A. (2010). Translanguaging in the bilingual classroom: A pedagogy for learning and teaching? The Modern Language Journal, 94(1), 103-115. https://doi.org/10.1111/j.1540-4781.2009.00986.x.
• Cummins, J. (1979). Linguistic interdependence and the educational development of bilingual children. Review of Educational Research, 49(2), 222-251. https://doi.org/10.3102/00346543049002222.
• Duarte, J. (2016). Translanguaging in mainstream education: a sociocultural approach. International Journal of Bilingual Education and Bilingualism, 22(2), 150-164. https://doi.org/10.1080/13670050.2016.1231774.
• Fung, I. Y., Wilkinson, I. A., & Moore, D. W. (2003). L1-assisted reciprocal teaching to improve ESL students’ comprehension of English expository text. Learning and Instruction, 13(1), 1-31. https://doi.org/10.1016/S0959-4752(01)00033-0.
• Genesee, F., Lindholm-Leary, K., Saunders, W., & Christian, D. (2005). English language learners in U.S. schools: An overview of research findings. Journal of Education for Students Placed at Risk, 10(4), 363-385. https://doi.org/10.1207/s15327671espr1004_2.
• Global Education Monitoring Report. (2016). If you don’t understand, how can you learn? UNESCO. https://unesdoc.unesco.org/ark:/48223/pf0000243713.
• Kenner, C., Gregory, E., Ruby, M., & Al-Azami, S. (2008). Bilingual learning for second and third generation children. Language, Culture and Curriculum, 21(2), 120-137.
• Surmont, J. (2016). Hoe leren in een meertalige klas? De Brusselse paradox. In L. van Praag, S. Sierens, O. Agirdag, P. Lambert, S. Slembrouck, P. van Avermaet, J. van Braak, P. van de Craen, K. van Gorp & M. van Houtte (Red.), Haal meer uit meertaligheid. Omgaan met talige diversiteit in het basisonderwijs (pp. 83-93). Uitgeverij Acco.
• Van den Berg, T., & Van Urk, F. (2020). De impact van de Kennisrotonde op en via websitebezoekers. Berenschot.
• Van der Aa, R., Beekhoven, S., Gijsel, M., Teurlings, C., & Uiterwijk, L. (2020). Benutting van antwoorden van de Kennisrotonde. Een verkenning. NRO Kennisrotonde.
• Van Schaijk, P., Volman, M., Admiraal, W., & Schenke, W. (2018). Barriers and conditions for teachers’ utilisation of academic knowledge. International Journal of Educational Research, 90, 50-63. https://doi.org/10.1016/j.ijer.2018.05.003.