Profile

Dé basis voor het basisonderwijs

Interviews
16/12/2025
Leestijd 6-9 minuten
Geschreven door Erik Ouwerkerk

Actief aan de slag als je wilt groeien!

Je vakmanschap verder ontwikkelen stopt niet zodra je voor de klas staat. Jeanne van Loon, programmamanager van Ontwikkelkracht*, vertelt in dit interview hoe een leercultuur (samen ontdekken, verdiepen en verbeteren) niet alleen jou als leerkracht sterker maakt, maar ook je team én hoe het je leerlingen laat groeien. Ontdek hoe je dat verschil kunt maken.

Save the children

Voordat je programmamanager werd van Ontwikkelkracht, ontwikkelde jij je jarenlang buiten het onderwijs. Welke ervaringen komen nu van pas?

“Dat klopt, maar mijn loopbaan begón wel in het onderwijs. Bij de universiteit van Maastricht deed ik zo’n dertig jaar geleden als epidemioloog onderzoek en gaf ik tegelijkertijd les aan studenten. Dat laatste kreeg ik nooit echt in de vingers. Nu, zoveel jaar later, ben ik na alle schoolbezoeken en gesprekken met leerkrachten en schoolleiders gaan inzien dat als je écht wilt groeien als docent, je actief aan de slag moet. Een goede leerkracht leert constant van collega’s, verdiept zich met het team in onderwijsonderzoek en brengt nieuwe onderzoeksinzichten in de praktijk.

Sinds ik tien jaar geleden afdelingshoofd Kennis (verbindingen en Kenniseconomie) werd bij het ministerie van OCW en me daarna aansloot bij Ontwikkelkracht, is mijn achting voor het vak alleen maar gestegen. Onderwijs is echt een ambacht waar ervaring, moed en kennis voor nodig is.

Tussen mijn promotie in Maastricht en mijn werk voor het ministerie van OCW heb ik inderdaad lange tijd buiten het onderwijs gewerkt, namelijk op verschillende posities binnen het RIVM.

Steeds als ik op een andere afdeling ging werken of een andere functie kreeg, moest ik me weer verdiepen in andere onderwerpen en manieren van werken en had ik nieuwe kennis nodig. Ik deed dat door collega’s op te zoeken, vragen te stellen, kennis uit te wisselen en veel te lezen. Al doende leerde ik nieuwe vaardigheden.

Wat me opviel, is dat mijn werkwijze niet overal even vanzelfsprekend was. In sommige teams werd het stellen van vragen zelfs gezien als zwakte. Zonde, want mensen blijven dan hangen in onzekerheid of proberen alles eerst zelf uit te zoeken voordat ze bij iemand anders aankloppen. Soms pluizen ze zelfs een heel boek uit, terwijl maar een klein stukje daarvan relevant is voor het werk. Dat vertraagt het werkproces en remt de ontwikkeling. In een open leercultuur gebeurt het tegenovergestelde: collega’s verkennen samen wat ze al weten en wat nog niet en bepalen vervolgens hoe ze zich verder kunnen ontwikkelen. Dat stimuleert niet alleen de kwaliteit van het werk, maar bevordert ook het werkplezier en de groei van het team. Precies zo’n cultuur helpen versterken en creëren is wat Ontwikkelkracht doet, dus het sluit perfect aan bij mij en mijn ervaringen.”

“In een open leercultuur verkennen collega’s samen wat ze al weten en wat nog niet”

Als iemand zich in een andere werkomgeving ontwikkelt, bijvoorbeeld bij het RIVM, is dat dus niet heel anders dan een professional in het onderwijs?

“Analyseren, doelen stellen, focus bepalen, plannen maken, uitvoeren, evalueren en het ontwikkelplan weer bijstellen: dat is een vrij universele ontwikkelingscylus. Toen ik aan de slag ging bij het ministerie van Onderwijs, verbaasde ik me erover dat het in het onderwijs mogelijk is om, zodra je van de opleiding komt, eigenlijk niks meer aan professionalisering te doen. Dat is toch raar in een sector waar leren centraal staat?”

Maar studiedagen en overleggen dan?

“Studiedagen zorgen vaak voor inspiratie, mooie lezingen en workshops, maar helaas lang niet altijd voor effectieve onderwijsverbetering. Daar is meer voor nodig. Om grip te krijgen op een onderwerp of methode moet je er namelijk goed induiken. Dat gebeurt lang niet altijd. Vervolgens moet je die verdieping kunnen vertalen naar de praktijk, met haar unieke onderwijsprofessionals, schoolteams en leerlingen, om te bepalen of een specifieke aanpak goed aansluit op de dagelijkse praktijk en context. Vervolgens moet het programma geïmplementeerd worden. Om de cirkel rond te maken, is het ook nodig om te bepalen of je uiteindelijk het gewenste resultaat hebt bereikt. Evidence-informed werken dus. Dat gaat niet vanzelf. Een schoolbrede verandering vraagt langdurig tijd en aandacht. Maar gelukkig kun je het leren.”

Is de lerarenopleiding daar niet bij uitstek geschikt voor?

“De pabo legt een goede basis en maakt leerkrachten startbekwaam, klaar om goed les te geven. Maar vakbekwaamheid, of zelfs professioneel meesterschap, daar moet je aan blijven werken. Het zou fijn zijn als toekomstige leerkrachten tijdens hun opleiding al vertrouwd raken met de school als leeromgeving voor professionals. Dat ze daar onderwijsliteratuur leren lezen, gevoel krijgen voor toepassing van onderzoek en samenwerking in het schoolteam. Ons ondersteuningsprogramma is namelijk een tijdelijke impuls: ons uiteindelijke doel is dat onderwijspraktijk en -onderzoek elkaar vanzelfsprekend versterken op scholen en dat wij uiteindelijk niet meer nodig zijn.”

“Aan vakbekwaamheid, of zelfs professioneel meesterschap, moet je blijven werken”

Zal het ooit vanzelfsprekend worden één of meerdere leerkracht-onderzoekers te hebben op school?

“Dat denk ik wel. Nu denken mensen te vaak nog dat een leerkracht op de hoogte moet zijn van alle ins en outs van wetenschappelijk onderzoek, maar dat is een misverstand. Iemand kan zich specialiseren in zijn beroepsmatige interesse, bijvoorbeeld rekenen of rijke teksten. Na training en door ervaring weet de leerkracht dan wat er bekend is uit onderzoek en hoe hij of zij dat kan vertalen naar de situatie van de school en de klas. Onderwijsprofessionals willen zich wel degelijk verdiepen in hun vakmanschap. Ze zien dat hun onderwijs er beter en leuker van wordt en brengen dat dan graag over op hun collega’s. Maar daar moet wel tijd en ruimte voor zijn en gelukkig is dat er ook steeds meer.”

Er zijn steeds meer Expertisescholen die andere scholen helpen een leercultuur op te bouwen. Dat sluit aan bij jouw eigen manier van ontwikkelen: bij collega’s met de juiste kennis te rade gaan.

“Ja, blijf niet zitten met vragen: door simpelweg naar elkaar te luisteren en informatie en ervaringen uit te wisselen kun je ontzettend veel leren.”

De drempel om aan de slag te gaan met collega’s van andere scholen is wellicht lager dan beginnen aan een ander traject van Ontwikkelkracht. In brochures en op de website van Ontwikkelkracht komen namelijk begrippen als ‘gespreid leiderschap’, ‘lerende aanpak’, ‘cyclisch werken’ en ‘co-creatie’ voorbij. Dat klinkt niet als taal van de werkvloer.

“Ook dat is de werkvloer, hoor. Leerkrachten en schoolleiders zijn professionals en schoolteams zijn veelzijdig. Ze passen zich aan aan het niveau en de taal van het kind, maar deinzen ook niet snel terug voor de vaktaal die nu eenmaal ontstaat als leerkrachten en onderzoekers alle processen en onderdelen van leercultuur in kaart brengen.

Ik heb geleerd dat het flink ingewikkeld kan zijn om theoretische kennis in de praktijk te brengen en dat vaak geldt: hoe concreter hoe beter. Je moet de praktijk altijd voor je kunnen zien, waar je ook over praat. Als dat niet het geval is, moet je op zoek naar andere manieren van werken. Dat ervaren we zelf ook regelmatig, want Ontwikkelkracht is zelf óók een lerende organisatie. We zijn nu bijvoorbeeld aan het kijken of we binnen het programma misschien iets meer voor schoolleiders moeten doen.”

Een traject voor schoolleiders? Begint een leercultuur niet van onderop?

“Goed onderwijs staat of valt met een goede leerkracht. Maar een goede leerkracht heeft heel veel aan een goede schoolleider, iemand die inspireert, vertrouwen geeft en teamleden betrekt bij, en verantwoordelijk maakt voor onderwijsontwikkeling. Een goede schoolleider zorgt niet alleen voor draagvlak maar ook voor tijd en draagkracht. Je hebt daadkracht nodig, want een ontwikkeltraject is intensief. En absoluut de moeite waard: als je je als leerkracht graag ontwikkelt en erop vertrouwt dat je dat met hulp van de school ook kúnt, dan straal je dat uit naar de kinderen.

Leerkrachten mogen er ook best meer bij stil staan dat ze die leerhouding meenemen de klas in. Deel gerust met de kinderen wat je leert, hebt geleerd en wilt leren. Leef vóór dat je vragen mag stellen, nieuwsgierig mag zijn en altijd op zoek kunt naar verbetering. Op een school met een vanzelfsprekende leercultuur, ontwikkelen de kinderen zich ook beter.”

* Ontwikkelkracht is een door het Nationaal Groeifonds gefinancierd landelijk initiatief dat de kennis-
infrastructuur van het onderwijs versterkt en scholen helpt om een leercultuur op te bouwen.

Voor meer informatie en inspiratie zie: denieuwelinde.nl/betekenisvol-leren/

Als onderwijsjournalist interviewt Erik voor JSW interessante mensen binnen en buiten de onderwijswereld.

Erik Ouwerkerk