Kleutermeester in de bovenbouw
Op de pabo koos ik zo’n dertien jaar geleden vol overtuiging voor het profiel Jonge Kind. Daar werd volgens mij dé basis voor leren en ontwikkelen gelegd. Terwijl mijn stages dus vooral in de onderbouw waren, kwam ik toch in de middenbouw terecht toen ik aan het werk ging.
In een paar stappen van liedjes zingen naar discussies voeren
Een paar jaar geleden kwam ik terug op school na een langdurig ziekteverlof. Ik kreeg van de vereniging waarvoor ik werkte een bijzondere kans om weer uren op te bouwen. Het plan? ’s Ochtends mocht ik aan de slag in groep 0, met kinderen die nét de stap naar de basisschool hadden gemaakt. ’s Middags stond ik voor groep 7/8: zo kon mijn collega zich met groep 8 volledig op de eindmusical richten.
De eerste weken vond ik het een enorm heftige overgang: na de middagpauze ging ik van net-geen-peuters-meer in een paar stappen door de schoolgang naar bijna-geen-basisschoolleerlingen-meer. Van ontwikkelingsmateriaal naar rijke teksten en van liedjes zingen naar discussies over het Jeugdjournaal.
‘s Ochtends leerde ik kleuters tellen en ’s middags gaf ik rekensommen waarover ik zelf even diep moest nadenken.
Maar na een paar dagen lesgeven, ging er een lampje branden en begon ik verbanden te zien. De kinderen in de bovenbouw waren gezegend met een geweldige leerkracht. Zij wist, ook bij de moeilijkste teksten, voorkennis op te halen op een manier die deed denken aan de welbekende doos met kastanjes die elke herfst in de kleuterkring terugkomt. Met het stellen van de juiste vragen zorgde ze voor de leerhouding die ik zelf tijdens kringactiviteiten hoopte te bereiken met ‘mijn’ kleuters. Leerlingen raakten betrokken, enthousiast en nieuwsgierig. Zoals zij een tekst over het conflict in Oekraïne kon aanvliegen, riep bij haar leerlingen een toewijding op die ik duidelijk herkende van onderbouwleerlingen. Het deed niet onder voor de leergierigheid van mijn groep kleuters als we de wei in gingen om bloemetjes en vlinders te zoeken.
Uiteindelijk gaf het ontdekken van die paralellen mij het laatste zetje: ik wilde óók met een groep tieners aan de slag. Als kleutermeester in de bovenbouw.