Ode aan de onderwijsassistent!
Voor het eerst werkte ik samen met een onderwijsassistent. Eerlijk gezegd was ik verbaasd. Was dit waarvoor we een extra professional inzetten? Nauwelijks overleg, geen plek in professionalisering, geen betrokkenheid bij het ontwerp van ondersteuning?
Ik had me iets anders voorgesteld. Iemand die wordt betrokken in de dialoog over de gezamenlijke ambitie van de school, die wordt meegenomen in de afstemming over consequenties bij bepaald gedrag en actief meedenkt over routines. Die aansluit bij professionalisering over effectief leesonderwijs of technisch lezen en spellen en een rol krijgt in het ontwerpen, uitvoeren én evalueren van interventies. Samen met het team doelen stellen, ondersteuning ontwikkelen, observeren en feedback geven.
We vragen om meer handen in de klas. Begrijpelijk. De werkdruk is hoog, de groepen zijn groot en de ondersteuningsbehoeften nemen toe. Maar als die handen slechts mogen uitvoeren, maken we een denkfout die we zelf vaak bekritiseren: professionals reduceren tot uitvoerders. En dat doet het onderwijs geen goed. Onderwijsassistenten hebben waarde, mits we hen de ruimte geven om die waarde ook zichtbaar te maken. Dat vraagt iets van ons als leerkrachten en leidinggevenden: vooraf afstemmen, doelen formuleren, samen voorbereiden en nadenken over de aanpak en hun rol daarbij. Kijken naar hoe interventies aansluiten op wat er in de klas gebeurt. Niet pas aan het eind vragen: “Hoe ging het?”, maar aan het begin zeggen: “Hier werken we samen aan.”
Benutten we onderwijsassistenten op een doordachte, gerichte manier? Hebben ze een plek in het bredere onderwijsontwerp of alleen in het surveillancerooster en bij het lezen van woordrijtjes?
Onze onderwijsassistente zei laatst: “Het viel me op dat Jessica de letters en klankgebaren snel oppikt. Ook de auditieve analyse gaat goed en woordrijtjes leest ze vlot. Zullen we samen zitten om te kijken hoe we verder gaan?”
Geef onderwijsassistenten de ruimte, verantwoordelijkheid vanuit vertrouwen
Tijdens een schrijfopdracht vroeg ze: “Zal ik Moh. helpen bij het maken van bijschriften over de Industriële Revolutie met een voegwoord?” Ik word zó ontzettend blij van deze momenten. Dít is hoe het vak tot bloei komt: initiatief tonen, meedenken, scherp observeren, erop anticiperen en bijdragen aan de ontwikkeling van onze leerlingen.
Een ode aan de onderwijsassistente. Aan onze ge-wel-di-ge onderwijsassistenten. Geef hen ruimte, verantwoordelijkheid vanuit vertrouwen. Niet als hulp in een aparte ruimte op de gang, maar midden in het onderwijsproces en laat ze meedenken: van voorbereiding tot evaluatie. Met handen, maar zeker óók met hoofd en hart!